Gemeente Utrecht

Zwolle

Vlissingen

Tholen

Burgemeester Aleid Wolfsen: Ik zie weerbaarheidstrainingen als een diepte-investering. Door kinderen nu voor te bereiden, voorkom je dat ze later te maken krijgen met grensoverschrijdend gedrag.

Geschiedenis en verloop

Wilma Kieft van de GG&GD Utrecht was 15 jaar geleden als coördinator betrokken bij de start van het project weerbaarheid op basisscholen. We zagen dat scholen met veel maatschappelijke issues zaten: hoe geef je seksuele opvoeding, hoe ga je om met onzekere kinderen, alcohol en drugs, seksueel misbruik, seksuele intimidatie. We kwamen tot de conclusie dat er één onderliggende thematiek speelde, namelijk de weerbaarheid van kinderen. De GG&GD ontwikkelde toen voor leerlingen een weerbaarheidsprogramma op basis van het Marietje Kessels Project.
Een toenemend aantal basisscholen meldde zich in de daaropvolgende jaren aan. Kieft: Scholen waren meteen enthousiast, ook omdat het een breed aanbod was voor leerlingen, leerkrachten en ouders. In het schooljaar 2009-2010 verzorgt de GG&GD 45 trainingen op ruim 30 van de 120 basisscholen. Dit is een sterke stijging ten opzichte van voorgaande jaren. De stijging is te danken aan een extra impuls vanuit de gemeente in het kader van de Nota Alcoholbeleid. Door deze impuls kunnen er in de komende twee schooljaren 20 extra trainingen verzorgd worden. Omdat het project nu deels vanuit alcoholbeleid gefinancierd wordt herschreef de GG&GD twee lessen uit het lespakket. In deze lessen wordt alcoholgebruik gekoppeld aan weerbaarheid, legt de huidige coördinator Geerdien van der Heijden uit: Hoe zeg je bijvoorbeeld nee tegen alcohol, en hoe zit het met seksueel grensoverschrijdend gedrag als er alcohol in het spel is?

De rol van de gemeente

Het thema weerbaarheid is in de gemeente Utrecht geborgd door opname ervan in de nota’s volksgezondheid en alcoholbeleid. De bestuurlijke betrokkenheid is groot, vindt Van der Heijden: De gemeente heeft een belangrijke faciliterende rol; zij zorgt voor de financiële middelen. Maar bestuurders zijn ook betrokken bij de promotie van het project. Zo steunde wethouder Jan van Leijenhorst het project tijdens de start door een werkbezoek te brengen aan scholen die de training gaven. Ook de huidige bestuurders zijn betrokken bij het thema. Burgemeester Wolfsen deed in 2008 zelf mee aan een weerbaarheidstraining, inclusief het doormidden slaan van een plankje: Je kunt meer dan je denkt en dat is dus ook wat de kinderen tijdens de trainingen leren. Hij vindt het belangrijk dat zoveel mogelijk kinderen de trainingen kunnen volgen. De leerlingen worden weerbaar gemaakt tegen allerlei vormen van machtsmisbruik. Pesten, kindermishandeling, seksueel grensoverschrijdend gedrag, homo-intolerantie. In eerste instantie dacht ik: nou, nou, dat zijn grote onderwerpen voor kinderen van tien, elf jaar. Maar ze worden op een begrijpelijke en openhartige manier besproken en dat werkt. Het mes snijdt bovendien aan twee kanten: Kinderen worden door de training niet alleen zelf weerbaarder, ze herkennen ook bij zichzelf dat ze pesten en grenzen overschrijden. De gemeente Utrecht heeft dan ook vier weerbaarheidsdocenten in dienst (3 fte) om de trainingen te verzorgen. De trainingen worden grotendeels vergoed door de gemeente; scholen betalen een eigen bijdrage van 500 euro.

Evaluatie en toekomst

De kwaliteit van de trainingen is hoog en scholen en leerlingen zijn enthousiast, zo blijkt uit de evaluatiegesprekken die de GG&GD na elke training met de scholen voert. Trainer Adri Smits vertelt in een interview met de Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling: De leerlingen die het programma hebben gevolgd, geven aan meer zelfvertrouwen te hebben gekregen, minder bang te zijn en beter te weten wat ze kunnen doen in nare of bedreigende situaties. Daar hoort ook bij dat ze zichzelf beter kunnen beheersen en ook beter de grenzen van een ander kunnen waarnemen. Het programma is dus op zelfbescherming gericht, maar ook op zelfbeheersing.
Geerdien van der Heijden geeft aan dat het voor scholen niet altijd makkelijk is om aan alle randvoorwaarden te voldoen. De GG&GD doet er alles aan om de trainingen toch plaats te laten vinden: Vooral als het om een school met relatief veel kwetsbare kinderen gaat, doen we heel erg ons best om tóch een geschikte ruimte te regelen, een leerling extra mee te laten doen, of de eigen bijdrage kwijt te schelden. Onlangs is het nog gelukt om een school zonder geschikte ruimte gratis gebruik te laten maken van de theaterzaal. Deze flexibiliteit zorgt ervoor dat veel scholen aan het project mee kunnen doen.
Een mogelijk verbeterpunt op landelijk niveau is de opname van weerbaarheid in de kerndoelen van het onderwijs, aldus van der Heijden: Basisscholen zijn erg druk en krijgen van alle kanten lesprogrammas aangeboden. Dit maakt de weerbaarheidstrainingen kwetsbaar. Opname in de kerndoelen zou dit verbeteren. Zolang dit nog niet aan de orde is, ligt er een belangrijke taak bij de gemeentes, zo vindt burgemeester Aleid Wolfsen. Hij adviseert alle Nederlandse gemeenten om te investeren in weerbaarheidstrainingen.

De gemeente Utrecht vierde in januari 2010 het vijftienjarig bestaan van de weerbaarheidstraining”kom op voor jezelf”. Inmiddels hebben zo’n 8.000 leerlingen deze cursus gevolgd. Op www.rtvutrecht.nl staat een filmpje over de weerbaarheidstraining.